Skip to content

Statuten

Naam

artikel 1
De stichting draagt de naam: Stichting GVR Slagzinnenregister.

Zetel

artikel 2
Zij heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam.

Doel

artikel 3

1. De stichting heeft ten doel: het door middel van toetsing en registratie van slagzinnen in het GVR Slagzinnenregister zekerheden te verschaffen bij het gebruik van slagzinnen, teneinde de volgende voordelen te bieden:

a. Risicobeperking
Een slagzin wordt onderzocht op eventuele gelijkenis en mogelijke verwarring met eerder in het GVR Slagzinnenregister gedeponeerde slagzinnen of niet gedeponeerde, algemeen bekende slagzinnen.

b. Bewijsvoordeel
De datum (van gebruik) van de slagzin wordt vastgelegd in het slagzinnenregister, hetgeen van groot belang is bij inbreukprocedures.

c. Preventie
Door voorafgaand onderzoek kan mogelijke inbreuk voorkomen worden. Een toetsing door de stichting kan een conflict en de daarmee gemoeid gaande kosten voorkomen;

d. Procesvoordeel
Een rechter zal bij een verwarring wekkende gelijkenis met een bij het GVR Slagzinnenregister ingeschreven slagzin eerder geneigd zijn onrechtmatigheid aan de zijde van de nabootser aan te nemen;
alles in de ruimste zin, daaronder begrepen alle handelingen en activiteiten welke met het vorenstaande direct of indirect enig verband houden of die aan het doel bevorderlijk kunnen zijn.

2. De stichting tracht dit doel ondermeer te bereiken door:

  • het tegen betaling registreren van slagzinnen in het slagzinnenregister;
  • het formuleren van duidelijke toetsingsvoorwaarden in een reglement;
  • het tegen betaling toetsen van slagzinnen met behulp van de in het reglement geformuleerde toetsingsvoorwaarden door de slagzinnencommissie;
  • het tegen betaling verlengen van reeds ingeschreven slagzinnen;
  • het verrichten van al hetgeen aan het doel bevorderlijk kan zijn.

3. Van het doel is uitgesloten: het doen van uitkeringen aan de oprichters van de stichting of aan hen die deel uitmaken van de organen van de stichting.

Bestuur

artikel 4

  1. De stichting wordt bestuurd door een bestuur, bestaande uit ten minste drie natuurlijke personen, bestuurders genaamd. Het bestuur stelt met inachtneming van het vorenstaande het aantal leden van het bestuur vast en benoemt de bestuurders.
  2. Indien te eniger tijd het aantal bestuurders beneden het gestelde minimum is gedaald blijven de nog in functie zijnde bestuurders, mits ten getale van ten minste twee, niettemin een wettig college vormen.
  3. Indien te eniger tijd geen of slechts één bestuurder in functie is, kunnen (kan) bij gebreke van voorziening in de vacatures, twee tijdelijke bestuurders, respectievelijk één tijdelijk bestuurder worden aangewezen door de rechtbank op verzoek van iedere belanghebbende of het openbaar ministerie. De functie van een aldus aangewezen tijdelijk bestuurder neemt een einde, zodra wederom ten minste twee bestuurders zijn benoemd, overeenkomstig de bepalingen van deze statuten.
  4. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester.

Einde bestuursfunctie

artikel 5

  1. Een bestuurder kan te allen tijde door een eenstemmig besluit van alle andere bestuurders worden ontslagen of geschorst. Een schorsing, die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een ontslag, eindigt door verloop van die termijn.
  2. Een bestuurder treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding.
  3. Een aftredende bestuurder is te allen tijde herbenoembaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  4. De functie van een in enige kwaliteit benoemd bestuurder eindigt bij verlies van die kwaliteit.
  5. De functie van bestuurder eindigt voorts door overlijden, door bedanken en door ontslag door de rechtbank overeenkomstig het bepaalde bij artikel 298 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Een door de rechtbank ontslagen bestuurder kan niet opnieuw tot bestuurder worden benoemd.

Bestuurstaak en vertegenwoordiging

artikel 6

  1. Het bestuur behartigt de belangen van de stichting in de ruimste zin des woords en is binnen de grenzen van deze statuten bevoegd alle daden van beheer en beschikking te verrichten, die het voor de verwezenlijking van het doel nodig of wenselijk acht.
  2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot het verkrijgen, vervreemden en bezwaren van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.
    Een dergelijk besluit behoeft ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering, waarin het voltallige bestuur aanwezig of vertegenwoordigd is.
    Is niet het voltallige bestuur aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden worden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
  3. Erfstellingen mogen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.
  4. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt mede aan twee gezamenlijk handelende leden van het bestuur toe, onder wie de voorzitter.
    Een en ander laat onverlet de bevoegdheid van het bestuur om bij bestuursbesluit volmacht te verlenen tot vertegenwoordiging van de stichting.
  5. In geval van tegenstrijdig belang wijst het bestuur een of meer personen aan om de stichting te vertegenwoordigen. Ook de bestuurder te wiens aanzien het tegenstrijdig belang bestaat, kan daartoe worden aangewezen.

Bijeenroeping bestuursvergaderingen

artikel 7

  1. De bestuursvergaderingen worden bijeengeroepen door de secretaris of de voorzitter, zo dikwijls als deze zulks nodig acht, alsmede binnen zeven dagen nadat ten minste twee bestuurders de wens tot het houden van een vergadering schriftelijk en met opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter of de secretaris hebben doen toekomen.
  2. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de bestuurders.
  3. De termijn van oproeping bedraagt ten minste zeven dagen; de dag van oproeping en van vergadering niet meegerekend.
  4. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld.
  5. Buiten vergadering kunnen schriftelijke besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen van alle bestuurders.
  6. Zolang in een bestuursvergadering alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen ‑ dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding ‑ ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.
  7. Alle bestuursbesluiten worden schriftelijk vastgelegd en getekend door de voorzitter of de secretaris en bewaard in de administratie van de stichting.
  8. Indien een bestuurslid hiermee instemt, geschiedt de in de leden 1 en 5 genoemde schriftelijke communicatie door een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht aan het adres dat door hem voor dit doel is bekend gemaakt.

Bestuursvergaderingen

artikel 8

  1. De bestuursvergaderingen worden gehouden te Amsterdam, tenzij de bestuurders een andere plaats van vergadering aanwijzen in onderling overleg.
  2. De bestuursvergaderingen worden geleid door de voorzitter. Ontbreekt deze, dan voorziet de vergadering zelf in het voorzitterschap.
  3. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar, wordt een bestuursvergadering ‑ jaarvergadering ‑ gehouden.
    In die vergadering komen aan de orde:
    a. het jaarverslag en de jaarstukken als bedoeld in artikel 11;
    b. voorziening in eventuele vacatures;
    c. voorstellen aangekondigd in de oproeping.

Besluitvorming van de bestuursvergadering

artikel 9

  1. Het ter vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
  2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, één aanwezige bestuurder dit verlangt.
  3. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de bestuursvergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
  4. Blanco en ongeldige stemmen worden beschouwd niet te zijn uitgebracht.
  5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming tussen de kandidaten plaats.
    Heeft alsdan wederom niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
    Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht.
    Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
    Ingeval bij een herstemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
  6. Indien de stemmen staken over een voorstel, niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
  7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.

De slagzinnencommissie

artikel 10

  1. Slagzinnen die ter toetsing aan de stichting worden aangeboden worden getoetst door de slagzinnencommissie.
  2. De slagzinnencommissie bestaat bij voorkeur uit tenminste acht natuurlijke personen, welke personen affiniteit hebben met het vakgebied (te weten de reclamebranche) en een zekere bewezen staat van dienst in de branche hebben opgebouwd, waarbij zoveel mogelijk de verschillende disciplines in de branche worden vertegenwoordigd. De leden van de slagzinnencommissie worden op niet bindende voordracht van het bestuur benoemd en ontslagen.
  3. De slagzinnencommissie legt de procedure voor het beoordelen en toetsen van een slagzin vast in een afzonderlijk reglement, welk reglement door derden op verzoek kan worden ingezien.

Financieel beheer

artikel 11

  1. Het boekjaar loopt gelijk met het kalenderjaar.
  2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend.
  3. Voor één juli, na afloop van elk boekjaar worden door het bestuur een balans en een staat van baten en lasten opgemaakt en op papier gesteld. Deze jaarstukken worden na akkoordbevinding door alle bestuurders ondertekend en gaan vergezeld van een verslag omtrent de verrichtingen en gang van zaken in het desbetreffende boekjaar.
  4. Het bestuur kan een deskundige aanwijzen voor het nazien van de jaarstukken.
  5. Het bestuur is verplicht de in de leden 2 en 3 van dit artikel bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers genoemd in de leden 2 en 3 van dit artikel gedurende zeven jaren te bewaren.
  6. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.

Statutenwijziging

artikel 12

  1. In de statuten van de stichting kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een bestuursvergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
  2. Zij die de oproeping tot de vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste zeven dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, aan alle bestuurders toezenden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering, waarin ten minste twee/derde van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is.
    Is niet twee/derde van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden worden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
  4. Een statutenwijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. Tot het doen verlijden van de akte is iedere bestuurder bevoegd.

Ontbinding

artikel 13

  1. Is het bestuur van oordeel, dat het doel van de stichting niet of niet meer voldoende zal kunnen worden verwezenlijkt, dan kan het de ontbinding van de stichting constateren; zodanig besluit aangaande de ontbinding wordt genomen overeenkomstig het bepaalde bij het voorgaande artikel.
  2. Ingeval van ontbinding geschiedt de vereffening door de ten tijde daarvan in functie zijnde bestuurders; met betrekking tot die vereffening behouden de statuten ook ten aanzien van de voorziening in vacatures overeenkomstige toepassing.
  3. Aan hetgeen na voldoening van alle schulden van het vermogen der ontbonden stichting overblijft, wordt op door het bestuur te bepalen wijze een bestemming gegeven, ten behoeve van een doel, dat zoveel mogelijk met de geest van het doel der stichting in overeenstemming is.

Reglementen

artikel 14

  1. Het bestuur is bevoegd een of meer reglementen vast te stellen.
  2. Een reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.

Slotbepaling

artikel 15

In alle gevallen, welke binnen de grenzen van deze statuten vallen, doch daarin niet zijn geregeld, wordt door een bestuursbesluit voorzien.

Slotverklaringen

  1. Het eerste boekjaar eindigt ultimo tweeduizend negen.
  2. Voor de eerste maal wordt het aantal bestuurders vastgesteld op vier en worden benoemd tot bestuurders:
    1. Rudolph Alexander Johannes Jozef Polman, voorzitter;
    2. Hendrik Derk Christiaan Scheenstra, secretaris;
    3. Saskia Jolanda IJszenga, penningmeester;
    4. Ebba Hoogenraad, bestuurslid.

./.
Van de volmacht aan de comparant is mij, notaris, gebleken uit de aan deze minuut te hechten akte.
De comparant is mij, notaris, bekend.
Deze akte, opgemaakt in minuut, is verleden te Amsterdam op de datum als in het hoofd van deze akte vermeld.
Nadat de inhoud van deze akte zakelijk aan de comparant is opgegeven en toegelicht, heeft deze verklaard van de inhoud van deze akte te hebben kennisgenomen en op volledige voorlezing daarvan geen prijs te stellen.
Vervolgens is deze akte na beperkte voorlezing overeenkomstig de wet door de comparant en mij, notaris, ondertekend.